Marcella is niet zoals de andere mensen. Dat zie ik onmiddellijk als ze begint te spreken. Het lijkt eerder alsof ik met iemand van mijn eigen leeftijd zit te praten. Ik zie vuur in haar ogen als ze vertelt. Ze heeft vijf jaar ‘het seizoen’ gedaan aan de zee. Met een lichte geamuseerdheid vertelt ze me wat dat dan is. Ik luister geboeid. Ze heeft vijf jaar van haar leven gespendeerd in de keuken van verschillende hotels, en ze vond het zalig. Ze vertelt me dat ze het enorm mist. Als ik haar vraag wat ze dan precies mist, is dat het startschot van een prachtig verhaal. Ze is gestart in de horeca omdat ze na haar huwelijk werk nodig had. Ze heeft in vier verschillende hotels gewerkt, maar heeft de beste herinneringen aan een hotel in Knokke. De chef en zij. Samen in hun keuken. Ze waren zo goed op elkaar ingespeeld, dat het bijna een belediging zou zij om daar nog iemand tussen te zetten. Op een dag is het erg druk in de zaak. De vrouw van de chef komt vragen of hij wat in de zaal kan komen helpen. Hij vraagt het aan Marcella. Het gerecht van die dag is ‘Côte de Veau Calmar’ (ik moest drie keer vragen wat ze daarmee bedoelde en hoe ik dat moest schrijven, een grappig momentje). Die Côte de Veau Calmar is kalf met hele fijne erwtjes. Dat weet ik nu. De garçon van dienst is een gezelschap aan het bestellen en krijgt de vraag hoe dat klaargemaakt is (er zijn dus nog mensen). Hij vertelt hen doodleuk dat het een stukje kalf in tomatensaus met champignons is. Marcella hoort dit en stapt erop af. Ze vertelt hem dat hij verkeerd is, en verbetert hem. De garçon wordt daarop zo kwaad dat er een ruzie ontstaat midden in het restaurant. Hij weigert haar te geloven, en zij geeft hem als gouden tip ‘als je het niet weet, moet je het maar gewoon gaan vragen’. Marcella blijft overtuigd van haar gelijk, en dat wordt later ook bevestigd, want als de chef erbij komt zegt hij net hetzelfde als zij, met als gouden tip ‘als je het niet weet, moet je het gewoon gaan vragen’. Goed, de garçon legt zich erbij neer maar van dan af aan is de relatie tussen Marcella en hem niet erg vriendschappelijk. Een hele tijd later gaat Marcella tijdens een van haar diensten iets halen in de keuken. De garçon is er ook, maar heeft niet door dat hij niet alleen is. Ze is dan ook sprakeloos als ze ziet dat hij een steak in een servet rolt en die in zijn zak steekt. Niet alleen Marcella heeft dat gezien, maar ook de chef. Hij gaat naar de garçon en zegt ‘als je de steak pakt, moet je de saus erbij nemen ook’, waarop hij de saus van het bord rechtstreeks in diens zakken giet. Daarna werd hij natuurlijk op staande voet ontslagen. Terwijl ik het aan het schrijven ben, moet ik alweer lachen. Ik hing in dat half uur écht aan haar lippen. Zo fijn als iemand echt iets te zeggen heeft, en er ook geen problemen mee heeft om dat te doen aan iemand die ze eigenlijk niet kent. Marcella was graag gezien, daar in Knokke, mede omdat ze de handdoeken uit vrije wil waste en droogde, en omdat ze hiermee bewees dat het fijn is om iets te doen voor een ander zonder daar iets voor terug te willen. Vriendschap is geven om elkaar en geven aan elkaar. Een kleine geste. Een lief gebaar. Belangrijk (noot aan mezelf!). Ik ben slecht opgestaan deze morgen. Vanalles in mijn hoofd dat maar geen kanaal lijkt te vinden. Druk. Ik ben nochtans op reis geweest, maar de overgang voelt te bruusk. Marcella was de zon vanmorgen, en dat voelde goed.
Leave a comment